jump to navigation

Collective intelligence als businessmodel: realiteit, toekomstmuziek of utopie? februari 10, 2008

Posted by rvdwal in Essay.
trackback
Collective Intelligence

De huidige economie is gecentraliseerd. In de moderne business unit structuur die het overgrote merendeel van de bedrijven hanteert ligt de taak van waarde creatie en productie volledig in handen van het bedrijf. Informatie wordt nauwelijks gedeeld met externe partijen. Een autobanden fabriek doet onderzoek naar de beste wegligging, test de kwaliteit van huidige producten en past technische vooruitgang toe op de eigen productlijn. Deze manier van innovatie leek tot nu toe altijd efficiënt. Een klein aantal experts maken beslissingen en professionals voeren deze door om tot een betere band te komen. Maar is dit statische business model nog wel levensvatbaar in de toekomst of kunnen de nieuwe business modellen die zich baseren op de wetenschap van velen, zo’n groot concurrentie voordeel halen dat zij een nieuw business tijdperk inluiden?

Wikinomics

Op 15 januari 2001 opent Wikipedia zijn interactieve deuren voor het grote publiek. Een database met een kleine duizend artikelen met het idee dat iedereen deze artikelen kan aanpassen, aanvullen of zelf nieuwe artikelen schrijven. Al snel groeit de website uit tot een fenomeen en bereikt het de 2.000.000 unieke, engelse artikelen, ongeveer een honderdvoud dan de tot dan toe meest gelezen encyclopedie Britannia.

Het succes is duidelijk. De massa weet meer dan het team achter de Brittannia encyclopedie. Echter, wikipedia is een service door en voor vrijwilligers. Er wordt niet tot nauwelijks geld verdient aan de dienst, en in 2006 leed het zelfs zoveel verlies dat het dreigde te sluiten. Met behulp van donaties gaat Wikipedia inmiddels door, maar de vraag rijst of er dus wel een business model gemaakt kan worden van ‘mass collaboration projects’. Als het grote succesverhaal van collective intelligence verlies draait, zijn veel mensen

De ‘Starfish Structure

De complete decentralisatie van de Wikinomics lijkt dus voorlopig nog niet levensvatbaar. Echter, dit is niet het enige model wat zich richt op de wetenschap van de massa, onze collectieve kennis. Een tweede model is meer een tussenstap en wordt inmiddels steeds vaker toegepast. Dit is de zogenaamde ‘Starfish Structure’. Decentralisatie van het bedrijf waar de waarde creatie plaatsvind in verschillende takken van het bedrijf die strategisch ‘tappen’ uit de kennis van velen. De kennis van de massa wordt verzameld en omgebogen tot een taak of dienst. Het best bekende voorbeeld van dit model is Google.

Google baseert het merendeel van zijn diensten niet op wat intern onderzocht is, maar wat de massa aangeeft te willen hebben. Zoekresultaten worden baseert op wat de massa de meest relevante informatie vind. Google Reader (iGoogle) laat gebruikers zelf het nieuws toevoegen wat ze willen lezen en gebruikt de informatie van velen om de echt relevante en populaire berichten uit te filteren voor Google News. De Google Translator stelt de gebruiker in staat vertalingen aan te passen en door te voeren. Hiermee heeft google de online taal barrière weten op te heffen door letterlijk elke pagina te kunnen vertalen naar een willekeurige taal, en deze vertalingen worden preciezer met de dag.

Open Source

Een derde methode is ‘Open Source’. Hiermee vraagt een ontwikkelaar de hulp van iedereen. Amateur, professional, hobbyist, iedereen is welkom mee te denken over hoe het product verbeterd kan worden. Echter, het verschil met Wikinomics is dat niet alle input gebruikt word. Er is nog steeds een groep professionals, ontwikkelaars, die een selectie maakt uit de aangereikte suggesties om zo tot een compleet product te komen.

Een voorbeeld hiervan is de browser Mozilla Firefox. Deze browser is opgezet door het bedrijf Mozilla, en vervolgens ontwikkeld door de open source community. Scripters, interaction designers, vormgevers en gewoon browser gebruikers van over de hele wereld hebben een aantal jaar ontwikkeld om tot de browser te komen. Inmiddels is de browser uitgegeven, en strijkt Mozilla per jaar 86 miljoen dollar op aan de tegenhanger van Internet Expolorer.

Omdat de browser is ontwikkeld door de early adopters van de doelgroep waarin het later geplaatst zou worden, sluit volgens velen de browser beter aan bij wat de doelgroep wil. Zo heeft Microsoft met de laatste release al de verbeteringen die Firefox had toegepast doorgevoerd in hun eigen browser (IE7).

Chris Anderson heeft vanaf het begin zijn theorie openbaar gemaakt. Hij heeft een blog voor aangemaakt en ging op internet in discussie met mensen, plaatste zijn artikelen en vroeg publiekelijk om feedback. Twee jaar later is alle feedback verzameld en brengt hij het boek ‘The Long Tail’ uit, een instant hit, en het marketingboek van 2006 (Business Book of the Year Award door Financial Times/Goldman Sachs).

Conclusie

Als we de drie modellen naast elkaar houden, kunnen we concluderen dat de decentralisatie van waardecreatie zoals in de Starfish structure de eerste stap is naar het tappen in de collectieve intelligentie. Het plaatsen van aanknopingspunten in de ‘massa’ om zo gezamenlijk tot een product te komen is echter niet nieuw, het is de basis van goed onderzoek, gebruikmakend van de collectieve intelligentie. Ik denk dat we dit kunnen omschrijven als realiteit. Velen zullen proberen te volgen in de voetstappen van successen als Google.

Het model van Wikipedia, de Wikinomics, lijkt voorlopig niet levensvatbaar. Het succes is on ontkenbaar in termen van de dienst, maar er is nog geen businessmodel gebaseerd op ongestructureerde waarde creatie. Het boek Wikinomics predict dat we in de toekomst meer Wiki ondernemingen zullen zien, maar ik heb mijn twijfels bij het succes omdat de waarde creatie volledig in handen ligt van de massa, die daar niets voor terug krijgen. Als er een zekere beloning voor de massa is, moet dit gecontroleerd worden en vervalt de kern van de Wiki theorie.

Daarom denk ik dat Open Source het meest relevante businessmodel voor de toekomst is. Door de doelgroep zelf mee te laten ontwikkelen maar dit wel zelf te reguleren ontstaat een product dat dicht op de consument staat. Door de sturing van waarde creatie door professionals kan er ook aan verdient worden, er is controle omdat in tegenstelling tot het Wikinomics verhaal, het product niet langer zo sterk is als de zwakste schakel. Deze regulering wordt inmiddels al breed toegepast, maar we zijn er nog lang niet. De toepassingen worden momenteel voor een groot deel geremd door bedrijven die huiverig zijn hun onderzoek en product ontwikkeling openbaar te maken, in verband met concurrentie. Maar naarmate open source producten gaan ontstaan van minder conservatieve bedrijven zal blijken dat deze een onontkoombaar concurrentie voordeel hebben, en zullen ook de gevestigde bedrijven moeten volgen.

Advertenties

Reacties»

1. Bernas&Co » Blog Archive » Collobration en sharing - maart 26, 2008

[…] Collective Intelligence wisdom, collaboration, sharing, reviewing, ranking, community, enabaling. Kent u de termen? Symptomen van web 2.0 en de wereld waarin wij leven. Voor de één clichéwoorden , voor de ander een nieuwe kijk op de wereld. We struinen op internet om met goede artikelen op de hoogte te blijven. Zelf lees ik –heel old school- nog steeds vakbladen. De stapel over marketing en communicatie naast mijn bed groeit gestaag. Ook luister ik op woensdagavond om 22:00 uur naar De Marktveroveraars. Bij BNR spreekt Rens de Jong in zijn radioprogramma met prominenten uit de marketing- en communicatiewereld. […]


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: