jump to navigation

Nieuw jaar, nieuw project: Ideation en inspiratie. februari 9, 2009

Posted by rvdwal in Design, Trends & Strategy.
Tags: , , , , , ,
add a comment

Waar het vorig jaar het jaar van de virtuele werelden was, is het dit jaar de beurt aan ‘ideation’. Ide-wat? Ideation! Dit is het proces dat ideeën genereert.

Ik ben mij gaan verdiepen in het proces van idee ontwikkeling. Wat kunnen we nu concreet ondernemen om idee ontwikkeling te bevorderen? Hoe kunnen we dit proces verbeteren om tot betere ideeën te komen?

Ideation baseert zich op het idee dat we het proces waarmee we ideeën genereren lang niet zo ongrijpbaar is als vaak gedacht wordt. Alsof het een proces is waar we door middel van geluk gebruik van maken: Soms lukt het en heb je een goed idee, soms ook niet en zit je uren lang onproductief voor je uit te staren.

Crinid.com beweert het tegendeel: We hebben 100% controle over de kwaliteit van onze idee generatie. We onderzoeken methodes om zelf de controle te nemen over jou creatieve idee generatie en deze effectief te trainen. Met methodes als brainstorming en mindmapping, maar ook met simpele tips en andere weetjes zoals het optimaliseren van de werkplek, en relevante informatie voor het managen en presenteren van ideeën.

Geïnteresseerd geraakt of nog niet geheel overtuigt? Bekijk dan deze presentatie of bezoek Crinid.com | The art of creating great ideas!

Mapping the Metaverse, Storytelling and Snippets: My other Projects mei 8, 2008

Posted by rvdwal in Algemeen, Hypes.
Tags: , ,
add a comment

I’ve started working on three other blogs:

This is Remarkable! is my snippet site, keeping track of everything on the interwebs, Digado.nl is my main blog with news and opinion on Virtual Worlds and last I am working on a Virtual Storytellers project called Planetmeta.com, a metaverse development agency.

Groepsopdracht: EnviCon februari 10, 2008

Posted by rvdwal in Opdrachten.
add a comment
EnviCon

Evaluatie: Opzich aardige presentatie maar het cocnept kwam niet helemaal uit de verf. Daarnaast had ik ook het idee dat de beoordelaars de briefing niet goed begrepen hadden en heel erg op zoek waren naar een ‘product’ wat er niet in zat, maar ook nergens in de briefing stond als vereiste. Het idee was om guerilla in te zetten voor de overheid om daarmee aan te tonen dat het kostenbesparend kan werken, de trend was een ‘zelf verzonnen’ trend ‘EnviCon’ wat staat voor Environmental Concerns maar ook voor Consumers. Het gaat dus over de betrokkenheid van de consumenten bij het milieu.

Presentatie: http://sochicken.nl/cmd

Businesscase: http://stud.cmd.hro.nl/0754325/envico.doc

Collective intelligence als businessmodel: realiteit, toekomstmuziek of utopie? februari 10, 2008

Posted by rvdwal in Essay.
1 comment so far
Collective Intelligence

De huidige economie is gecentraliseerd. In de moderne business unit structuur die het overgrote merendeel van de bedrijven hanteert ligt de taak van waarde creatie en productie volledig in handen van het bedrijf. Informatie wordt nauwelijks gedeeld met externe partijen. Een autobanden fabriek doet onderzoek naar de beste wegligging, test de kwaliteit van huidige producten en past technische vooruitgang toe op de eigen productlijn. Deze manier van innovatie leek tot nu toe altijd efficiënt. Een klein aantal experts maken beslissingen en professionals voeren deze door om tot een betere band te komen. Maar is dit statische business model nog wel levensvatbaar in de toekomst of kunnen de nieuwe business modellen die zich baseren op de wetenschap van velen, zo’n groot concurrentie voordeel halen dat zij een nieuw business tijdperk inluiden?

Wikinomics

Op 15 januari 2001 opent Wikipedia zijn interactieve deuren voor het grote publiek. Een database met een kleine duizend artikelen met het idee dat iedereen deze artikelen kan aanpassen, aanvullen of zelf nieuwe artikelen schrijven. Al snel groeit de website uit tot een fenomeen en bereikt het de 2.000.000 unieke, engelse artikelen, ongeveer een honderdvoud dan de tot dan toe meest gelezen encyclopedie Britannia.

Het succes is duidelijk. De massa weet meer dan het team achter de Brittannia encyclopedie. Echter, wikipedia is een service door en voor vrijwilligers. Er wordt niet tot nauwelijks geld verdient aan de dienst, en in 2006 leed het zelfs zoveel verlies dat het dreigde te sluiten. Met behulp van donaties gaat Wikipedia inmiddels door, maar de vraag rijst of er dus wel een business model gemaakt kan worden van ‘mass collaboration projects’. Als het grote succesverhaal van collective intelligence verlies draait, zijn veel mensen

De ‘Starfish Structure

De complete decentralisatie van de Wikinomics lijkt dus voorlopig nog niet levensvatbaar. Echter, dit is niet het enige model wat zich richt op de wetenschap van de massa, onze collectieve kennis. Een tweede model is meer een tussenstap en wordt inmiddels steeds vaker toegepast. Dit is de zogenaamde ‘Starfish Structure’. Decentralisatie van het bedrijf waar de waarde creatie plaatsvind in verschillende takken van het bedrijf die strategisch ‘tappen’ uit de kennis van velen. De kennis van de massa wordt verzameld en omgebogen tot een taak of dienst. Het best bekende voorbeeld van dit model is Google.

Google baseert het merendeel van zijn diensten niet op wat intern onderzocht is, maar wat de massa aangeeft te willen hebben. Zoekresultaten worden baseert op wat de massa de meest relevante informatie vind. Google Reader (iGoogle) laat gebruikers zelf het nieuws toevoegen wat ze willen lezen en gebruikt de informatie van velen om de echt relevante en populaire berichten uit te filteren voor Google News. De Google Translator stelt de gebruiker in staat vertalingen aan te passen en door te voeren. Hiermee heeft google de online taal barrière weten op te heffen door letterlijk elke pagina te kunnen vertalen naar een willekeurige taal, en deze vertalingen worden preciezer met de dag.

Open Source

Een derde methode is ‘Open Source’. Hiermee vraagt een ontwikkelaar de hulp van iedereen. Amateur, professional, hobbyist, iedereen is welkom mee te denken over hoe het product verbeterd kan worden. Echter, het verschil met Wikinomics is dat niet alle input gebruikt word. Er is nog steeds een groep professionals, ontwikkelaars, die een selectie maakt uit de aangereikte suggesties om zo tot een compleet product te komen.

Een voorbeeld hiervan is de browser Mozilla Firefox. Deze browser is opgezet door het bedrijf Mozilla, en vervolgens ontwikkeld door de open source community. Scripters, interaction designers, vormgevers en gewoon browser gebruikers van over de hele wereld hebben een aantal jaar ontwikkeld om tot de browser te komen. Inmiddels is de browser uitgegeven, en strijkt Mozilla per jaar 86 miljoen dollar op aan de tegenhanger van Internet Expolorer.

Omdat de browser is ontwikkeld door de early adopters van de doelgroep waarin het later geplaatst zou worden, sluit volgens velen de browser beter aan bij wat de doelgroep wil. Zo heeft Microsoft met de laatste release al de verbeteringen die Firefox had toegepast doorgevoerd in hun eigen browser (IE7).

Chris Anderson heeft vanaf het begin zijn theorie openbaar gemaakt. Hij heeft een blog voor aangemaakt en ging op internet in discussie met mensen, plaatste zijn artikelen en vroeg publiekelijk om feedback. Twee jaar later is alle feedback verzameld en brengt hij het boek ‘The Long Tail’ uit, een instant hit, en het marketingboek van 2006 (Business Book of the Year Award door Financial Times/Goldman Sachs).

Conclusie

Als we de drie modellen naast elkaar houden, kunnen we concluderen dat de decentralisatie van waardecreatie zoals in de Starfish structure de eerste stap is naar het tappen in de collectieve intelligentie. Het plaatsen van aanknopingspunten in de ‘massa’ om zo gezamenlijk tot een product te komen is echter niet nieuw, het is de basis van goed onderzoek, gebruikmakend van de collectieve intelligentie. Ik denk dat we dit kunnen omschrijven als realiteit. Velen zullen proberen te volgen in de voetstappen van successen als Google.

Het model van Wikipedia, de Wikinomics, lijkt voorlopig niet levensvatbaar. Het succes is on ontkenbaar in termen van de dienst, maar er is nog geen businessmodel gebaseerd op ongestructureerde waarde creatie. Het boek Wikinomics predict dat we in de toekomst meer Wiki ondernemingen zullen zien, maar ik heb mijn twijfels bij het succes omdat de waarde creatie volledig in handen ligt van de massa, die daar niets voor terug krijgen. Als er een zekere beloning voor de massa is, moet dit gecontroleerd worden en vervalt de kern van de Wiki theorie.

Daarom denk ik dat Open Source het meest relevante businessmodel voor de toekomst is. Door de doelgroep zelf mee te laten ontwikkelen maar dit wel zelf te reguleren ontstaat een product dat dicht op de consument staat. Door de sturing van waarde creatie door professionals kan er ook aan verdient worden, er is controle omdat in tegenstelling tot het Wikinomics verhaal, het product niet langer zo sterk is als de zwakste schakel. Deze regulering wordt inmiddels al breed toegepast, maar we zijn er nog lang niet. De toepassingen worden momenteel voor een groot deel geremd door bedrijven die huiverig zijn hun onderzoek en product ontwikkeling openbaar te maken, in verband met concurrentie. Maar naarmate open source producten gaan ontstaan van minder conservatieve bedrijven zal blijken dat deze een onontkoombaar concurrentie voordeel hebben, en zullen ook de gevestigde bedrijven moeten volgen.

Blue Ocean VS The Long Tail februari 10, 2008

Posted by rvdwal in Essay.
add a comment
Blue VS Long

Twee van de meest spraakmakende boeken in marketing van 2007 zijn Chris Andersons ‘The Long Tail’ en het boek ‘Blue Ocean Strategy’ van W. Chan Kim en Renee Mauborgne. De een is een martketing technishce trend/verschijnsel (the Long Tail), de ander een strategie om tot een nieuw, succesvol product te koment. Maar hoe verhouden deze twee boeken zich tot elkaar? Zijn het complementaire strategien of twee los staande verschijnselen?

The Long Tail

De Long Tail behoeft inmiddels nauwelijks nog introductie. Het boek heeft veel lof ontvangen voor het omschrijven van het economische gevolg van het wegvallen van de factor schaarste. De niche cultuur die doormiddel van internet net zo rendabel is als de mainstream, hit cultuur. Door de filtering en onbeperkte schapruimte op internet kan iedereen zijn of haar ‘niche’ producten vinden – waar vroeger deze uit de schappen werden gehaald omdat ze meer kosten dan opbrachten.

Blue Ocean Strategy

De Blue Ocean Strategy is een tactiek om, zoals het boek zelf zegt – niet de concurentie aan te gaan, maar de concurentie inrelevant te maken. Dit klinkt allemaal erg mooi, maar inweze zegt het niets anders dan op zoek te gaan naar nieuwe markten, door middel van positionering. Het opstellen van Unique Selling Points van producten zoals dat nog niet gebeurd is. De trend van vandaag (en ver daarvoor) is dat successen breed uitgemeten worden en er een hele batterij aan producenten volgt in de hoop een graantje te kunnen mee pikken, en zich verdringen rondom de bekende (grote) doelgroepen.

The Long Tail & Blue Ocean

Dit is dan ook precies waar de ‘Long Tail’ en de ‘Blue Ocean Strategy’ elkaar overlappen. Waar de Blue Ocean Strategy zich richt op het positioneren richting nieuwe markten, nieuwe niches om zo competitie te omzeilen, schrijft de Long Tail over de toenemende potentie van niche producten. De nieuwe markten zullen vooral leiden tot niche producten omdaat daar de competitie laag is, en de potentie hoog, in plaats van in de vaak keiharde concurentie in de ‘hit piek’ van de long tail – de zogenaamde ‘red oceans’.

Deze niche roducten worden met behulp van internet makellijker gevonden, en niches kunnen beter bereikt worden. Het is dus een stuk makkelijker jou eigen ‘Blue Ocean’ te vinden doormiddel van het het positioneren op kleine doelgroepen, ofh et herpositioneren van bestaande producten op doelgroepen die dit voorheen niet interessant vonden, zoals het ‘Cirque du Soleil’.

Concluderend kunnen we stellen dat de ‘Blue Ocean Strategy’ levensvatbaar is door het fenomeen zoals omschreven in de ‘Long Tail’. Waar vroeger nieuwe ‘Blue Ocean’ producten niet tot nauwelijks gevonden zouden worden door de doelgroep, is het door internet mogelijk deze aan te bieden en het juiste publiek te vinden.

Lesprogramma: Toepassen van New Media in 2008 februari 8, 2008

Posted by rvdwal in Opdrachten.
add a comment

New Media

Introductie ‘new media in 2008’

Met de opkomst van digitale communicatie technieken is er ook een nieuw tijdperk aangebroken voor marketing. De interactieve manier van communiceren heeft de stroom van informatievoorziening drastisch veranderd. Tegenwoordig kan iedereen zich ‘uiten’ via internet, iedereen beschikt over massamedia, en iedereen is ‘bereikbaar’.

Dit heeft heel wat teweeg gebracht in marketingland. 2000 stond in het teken van de worstelingen met het fenomeen internet, 2002 was het jaar van communicatie, bedrijven gingen op zoek naar hun consumenten online. Vanaf 2004 zien we een toenemende trend waarin ook de consument de producent weet te vinden. Een jaar later praten we over ‘prosumers’, de consumenten die aan het produceren zijn geslagen, en als onderdeel van bedrijfsinitiatieven functioneert (ebay reviews en youTube filmpjes).

Marketing Trends van 2007 rondom new media

De democratie van media, en de macht van de consument, komt op in 4 grote stromen van communicatie:

Social Networking (& Nichedefinition):
Een van de meest bekende trends is Social Networking. In Nederland kennen we uiteraard Hyves, Facebook, LinkedIn, de lijst gaat maar door. Een batterij aan websites is ontstaan rondom netwerk structuren, en de ‘massa’ op internet. Social Netowrks zorgen voor onderlinge communicatie, en verbanden tussen mensen die elkaar vaan nauwelijks kennen. Ze vormen clusters en delen interesses, en worden daarom gezien als een nieuwe manier om doelgroepen te definiëren.

User Generated Content (& Prosumers):
User Generated Content kan het best omschreven worden als producten die gemaakt worden door vrijwilligers. De consument van nieuws, kan ook nieuws produceren. Door middel van mobiele telefoon worden filmpjes opgenomen die regelmatig het nieuws halen, eigen onderzoeken en opinie kunnen ‘geblogged’ worden. Ook de toename aan informatie, entertainment en educatie vanuit de consument zelf is explosief, dagelijks worden er 20.000 blogs gestart, met onderwerpen variërend van goudvissen tot keukenapparatuur. Kennis word razendsnel geproduceerd en geconsumeerd.

The Indexing of Content (& SEO):
Door de enorme toename aan productie worden filters steeds belangrijker. Hoe nemen we informatie tot ons, en belangrijker, hoe kiezen we welke informatie we willen lezen. De tijd van 3-10 televisie kanalen met de aandacht van de massa is zo goed als voorbij, en de functie van ‘redactueren’ wordt langzaam over genoment door bijvoorbeeld Google,, Technorati, Digg, NU.nl. Websites die al dan niet geautomatiseerd het internet indexeren om tot de kern van de meest relevante, amusante of interessante informatie voor de gebruiker te komen tussen de biljoenen internet pagina’s.

Collaboration (& User feedback):
De laatste van de grote stromen, maar waarschijnlijk een van de commercieel meest invloedrijke is de communicatie van consument naar producent. Producenten zijn bewust opzoek gegaan naar informatie vanuit hun doelgroepen om zo samen te werken aan een beter afstembaar product. Denk aan customisation, crowdmining (enquetes), of crowdsourcing (prijsvragen). Daarnaast zijn ook ‘product previews’ en vergelijkingen zoals bellen.com, kieskeurig, ebay/amazon comments onderdeel van een service die gemaakt word door de deelname van de consument. Andere consumenten oordelen al lang niet meer op de mening van alleen de producent (of concurrent) maar zoeken steeds vaker naar wat andere consumenten van een product vonden.

De gevaren van New Media: Seth Godin & de Meatball Sundae

Rondom de opkomst van deze nieuwe methode van communicatie zien we bedrijven die moeite hebben met het overschakelen naar interactieve communicatie. Ze zien bedrijven als youTube en Facebook met miljoenen publieken, en vragen zich af hoe hier op in te spelen. Vaak worden deze nieuwe technieken te pas en te onpas ingezet om een product te promoten een bedrijven die eigenlijk totaal niet geïnteresseerd zijn in ‘jouw’ informatie als bedrijf.

Seth Godin omschrijft dit als ‘de meatball sundae’ – het verkopen van producten die helemaal niet interessant zijn aan een massa die geïnteresseerd moet worden door ditzelfde product – de marketing klopt niet. ‘Avarage products for avarage people’ zijn niet ‘remarkable’ en zullen dus ook niet aanslaan in ‘social media’.

Opdracht: Toepassen New Media

  • Maak teams van 3 personen.
  • Zoek een voorbeeld van een toepassing waarbij nieuw media niet goed is ingezet (een ‘Meatball Sundae’)
  • Werk het voorbeeld uit: Waarom is dit een goed voorbeeld van een ‘Meatball Sundae’ (max. 500 woorden)
  • Pas het voorbeeld aan (of het product!) zodat er een betere nieuw media campagne ontstaat. Presenteer in maximaal 15 minuten.

Evaluatie

Binnen deze opdracht gaat het over het zoeken naar goede toepassingen van ‘new media’. Het is belangrijk in te zien niet elke ‘trend’ is een succes voor een goede campagne. Door het analyseren van een campagne waar dit niet goed gegaan is kan er een probleemstelling worden geformuleerd. Deze probleemstelling is tevens de briefing voor de presentatie, waarbij het concept moet worden aangepast.

Evaluatie Product Development februari 8, 2008

Posted by rvdwal in Opdrachten.
add a comment

Keuze Minor

De minorkeuze was eigenlijk vrij duidelijk vanaf het 2e jaar HRO. Mijn vooropleiding was Grafisch Vormgever aan het Grafisch Lyceum Rotterdam, en kwam er daar al snel achter dat ik het bedenken van de achterliggende gedachten achter vormgevingen en uitingen veel leuker vond dan het maken van de concepten zelf. Ook had ik het gevoel dat er binnen marketing/product development altijd het meest te leren was, t.o.v. de andere vakken, en de meeste creatieve uitdagingen. Ik ben achteraf tevreden met mijn keuze, en dat ik uiteindelijk in marketing/PD verder wil.

Inhoud Module

Het 4e jaar stond in het teken van trends en actualiteiten rondom het vak marketing. Een goede invalshoek maar door de actualiteit van het debat rondom de trends die zich om de week aandienen was het soms lastig een structuur te herkennen. De behandeling van zowel The Long Tail, Guerilla, New Media, Wikinomics, Blue Ocean Strategy en Design Management in 2 kwartalen waren de verbanden niet altijd even sterk.

Lesprogramma

Over de minor zelf ben ik tevreden, alhoewel het gebrek aan een duidelijke structuur met betrekking tot marketing het wat lastig maakt om terug te kijken op de resultaten van de minor. Ik denk dat ik het meest heb opgestoken van de uitdaging het actuele debat breed te blijven volgen. Daarnaast zijn de inhoudelijke klassikale discussies ook erg interessant om andere invalshoeken te bespreken.

Ik ben wat minder tevreden met de vaak wat repetitief aanvoelende opdrachten, en feedback rondom de opdrachten. Doordat alles pas op de laatste dag beoordeeld wordt is het risico groot dat het ook lastig is de feedback te verwerken t.a.v. de verbeteringen van de gemaakte opdrachten. Ook de feedback rondom de groepsopdrachten vond ik, met name door de ‘gast beoordelingen’ minimaal terwijl dat juist de momenten zijn waarop kennis en praktijk bij elkaar komen.

Aanbevelingen

Opdrachten: Maak minimaal 1 individuele opdracht op marketing gebied verplicht. Het is moeilijk een inzicht te krijgen van de capaciteit van studenten op basis van blogposts en een groepspresentatie. Een verkennende opdracht, met uitdaging tot onderzoek – die vervolgens klassikaal besproken wordt levert niet alleen een goede peiling van de aanwezigheid van kennis, maar ook inhoud voor deze evaluatieles, en inhoudelijke feedback naar de studenten.

Presentatie: Behandel eerst alle presentaties alvorens te evalueren, en neem dan vervolgens ruim de tijd deze te beoordelen volgens een open, inzichtelijke methode. De beoordelingen voelen soms wat subjectief doordat de laatste groepen de eerdere feedback al kunnen verwerken, en de aandacht en motivatie ook afzwakt met lange onderbrekingen van discussies tussen de presentaties door.

Beeordeling: De voorwaarde van het cafetaria systeem is helderheid. De puntentelling lijkt nu af en toe wat willekeurig, zoals de uitslag van de quiz en tentamen -Het is hier beter om van te voren aan te geven hoe het precies in zijn werk gaat (krijg je 1 punt voor een voldoende in beide onderdelen, 2 punten bij een 8 of hoger gemiddeld, 1 punt bij een voldoende per onderdeel?). Ook zou een goede stimulans zijn om niet alles op het laatste moment te doen (de realiteit van het systeem) is een tussentijdse beoordeling waar 1 punt te verdienen valt met b.v. een korte presentatie over een actueel onderwerp op het blog.

Overzicht PD Kwartaal 2 februari 3, 2008

Posted by rvdwal in Opdrachten.
add a comment

1. Wekelijkse posting (1 punt)
1. Marktonderzoek in Virtuele Werelden
2. Marketing Mix in Virtuele Werelden
3. 7 Marketing Strategien uit games
4. Seth Godin : Meatball Sundae
5. 6 businessmodellen voor Virtuele Werelden
6. Teens in Second Life
7. Virtual Worlds: You just don’t get it
8. Avartising: Adverteren op Avatars
9. 8 belangrijke consumer Trends

2. Essay’s: (totaal 2 punten)
Essay – Collective intelligence als businessmodel: realiteit, toekomstmuziek of utopie?, 1 punt
Essay – Longtail en Blueocean, 1 punt

3. Eigen opdracht: Lesinrichting ‘New Media in 2008’ (1 punt)

4. Evaluatieopdracht PD (1 punt)

5. Groepsopdracht EnviCon (1 punt)

6. Toets en quiz over longtail e.d. (max. 2 punten)

Marketing in Virtuele Werelden januari 25, 2008

Posted by rvdwal in Algemeen, Trends & Strategy, wekelijkse posting.
Tags: , , ,
add a comment

9 Links naar marketing in Virtuele Werelden op Digado.nl

  1. Marktonderzoek in Virtuele Werelden
  2. Marketing Mix in Virtuele Werelden
  3. 7 Marketing Strategien uit games
  4. Seth Godin : Meatball Sundae
  5. 6 businessmodellen voor Virtuele Werelden
  6. Teens in Second Life
  7. Virtual Worlds: You just don’t get it
  8. Avartising: Adverteren op Avatars
  9. 8 belangrijke consumer Trends

Overzicht Q1 PD 2007-2008 november 8, 2007

Posted by rvdwal in Algemeen, Opdrachten.
add a comment

Gemaakte opdrachten:

  1. Wekelijkse posting (x8) – 1 punt
  2. Battle of Concepts (oneMen) – 2 punten
  3. Ministeries opdracht – max. 2 punten
  4. Essay: Design, vrij – 1 punt
  5. Essay: Love at First Sight – 1 punt
  6. Essay: Nederlandse Design Award – 1 punt
  7. Essay: De vrouw, de doelgroepen – 1 punt

Evaluatie:

Wat ik goed vond aan dit seizoen was de praktijk gerelateerde opdracht van het ministerie, jou team profileren als een marketing/onderzoeks bureau en presenteren aan mensen van buiten de klas. Ook de uitleg van de businesscase was, alhowel laat, zeer laat, erg nuttig. Daarnaast vind ik de verplichte posting ok nog steeds een uitstekende methode om mensen betrokken te houden bij het vakgebied.

Minder vond ik dat wederom veel tijd in de les verloren ging aan het maken van minder interessante opdrachten. Het opschrijven van merknamen, de beleving van merken of discussies over de puC. Alhoewel deze wel iets kunnen bijdragen aan de ontwikkeling als marketer gaat er op klassikaal niveau veel tijd in zitten en is het resultaat niet echt in verhouding met de ‘verloren tijd’.